Ontvang onze nieuwsbrief!


Naam:

E-mail:

Geschreven door Ed Buitenhek   

Utrecht - april 2009

“Naar een evenwicht in de markt...”

‘Childcare and the economic recession - challenges and opportunities’ is de titel van een congres dat ik vorige maand bezocht in Londen. Centrale en lokale overheden, nationale en internationale kinderopvangondernemers, adviseurs en brancheorganisaties bespraken daar de gevolgen van de economische recessie voor de Engelse kinderopvangsector.

ed_column

 

Dat ze in Engeland meer ervaring met de recessie hebben, werd al gauw zichtbaar. Onze taxichauffeur bleek na een heenrit bereid enkele omzetloze uren te wachten om zeker te zijn van de omzet van de terugrit. Kom daar maar eens om in Nederland. Een belangrijk verschil tussen de Engelse en Nederlandse kinderopvangmarkt is dat er daar meer dan voldoende aanbod is om aan de vraag naar opvang te voldoen. En dat ouders daar een substantieel groter deel van de rekening betalen. Dat betekent dat de onderlinge concurrentie hevig is en er een stevig beroep gedaan wordt op het onderscheidend vermogen van ondernemers.

Een leerzaam beeld

De Engelse markt geeft daarmee een leerzaam beeld van de toekomst voor Nederlandse kinderopvangaanbieders. Op basis van de ervaringen aldaar is vast te stellen wat marktevenwicht en het opdrogen van wachtlijsten betekent voor de kinderopvangaanbieders hier. Wanneer krijgt Nederland eigenlijk te maken met marktevenwicht? Voor de buitenschoolse opvang kan het nog even duren maar voor de dagopvang ligt dat anders. In 2009 zal meer dan de helft van alle kinderen in Nederland van 0 tot 4 jaar naar de dagopvang gaan. Door de bezuinigingen in de gastouderopvang zal de vraag naar dagopvang de komende tijd nog eenmalig een impuls krijgen maar dan is het gebeurd en zal ook de markt voor dagopvang in Nederland grotendeels in evenwicht zijn.
Circa 80 procent van de gezinnen met werkende ouders maakt dan gebruik van de opvang voor 0- tot 4-jarigen. De onvermijdelijke gevolgen daarvan zijn in Engeland al dagelijkse praktijk. Daar hebben bijvoorbeeld de goed draaiende locaties voor dagopvang een structurele bezettingsgraad van iets boven de 80 procent.

"Binnen enkele jaren zal een lagere bezettingsgraad ook in Nederland gemeengoed worden."

Het is bepaald niet de bezettingsgraad waarmee de plannen van nieuwbouw-locaties voor dagopvang in Nederland nu worden doorgerekend. Het is echter voorspelbaar dat een lagere bezettings-graad binnen enkele jaren toch ook in Nederland gemeengoed zal worden. Wat dat op middellange termijn betekent voor de exploitatie en de tarieven is voorspelbaar.

 

Onderscheiden

Veel aardiger om te zien, is wat goed draaiende Engelse aanbieders doen om zich binnen zo’n uitdagende marktomgeving te onderscheiden. De goed presterende Engelse aanbieders kiezen ervoor de verantwoordelijkheid voor de volledige exploitatie van kindercentra zo laag mogelijk in de organisatie te leggen. Locatiemanagers hebben niet alleen de verantwoordelijkheid voor de exploitatie maar ook de ruimte om daarover zelf besluiten te nemen (onder andere personele invulling, plaatsing van kinderen).
Verder weten de Engelsen meer van hun (potentiële) klanten en van hun concurrenten dan de gemiddelde Nederlandse aanbieder. Het is een logisch gevolg van het verschil in marktomstandigheden. Cruciale vraag is dan natuurlijk welke marketingaanpak aantoonbaar effectief is en leidt tot een hogere bezetting dan de locatie van de concurrent om de hoek. Een van de marketing speerpunten in Engeland is de inrichting van de buitenruimte geworden. Een wow-factor in de buitenruimte kan het verschil maken en heeft daar aantoonbaar effect op de bezettingsgraad. Toch iets om over na te denken bij het opstellen van het investeringsprogramma voor de komende jaren? Ook het profileren van de verschillen
tussen dagopvangaanbieders zal ook hier in de komende jaren een extra impuls krijgen. Kijk en vergelijk onze kwaliteit met die van andere kinderdagverblijven! In de strijd om de klant is het niet ondenkbaar dat de scores op de GGD inspecties binnenkort in stelling gebracht worden. Britse kinderopvangondernemers zijn met recht jaloers op onze marktomgeving. De kinderopvang in Nederland is beter toegankelijk (goedkoper voor ouders dus) en van hogere kwaliteit door de hogere opleidingseisen voor pedagogisch medewerkers.

Een tegengeluid

Gemotiveerd door de positieve benadering van de recessie aldaar, ging ik op zoek naar een tegengeluid tegen de doemverhalen over de recessie hier. Die zoektocht levert op dat op landelijk niveau de krimp van de vraag naar kinderopvang ruimschoots wordt gecompenseerd door de wachtlijsten en de toestroom vanuit de gastouderopvang. De zwakte in die benadering is dat het geen rekening houdt met de lokale marktomstandigheden. In een marktomgeving met veel werkgelegenheid in de industriële sector is de kans op vraaguitval groter dan in regio’s waar de werkgelegenheid in minder conjunctuur-gevoelige sectoren zit. En dat betekent dat de Engelse aanpak in de regio wel eens eerder relevant kan worden dan we nu vermoeden.

Reageren? Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien. .www.bbmp.nl

verder